Binnen

Binnen spraken kinderen over hoe vriendschap alles overstijgt.
Buiten werden mensen afgeschoten.

Binnen spraken kinderen over hoe culturen met elkaar samengaan.
Buiten sprak men van terrorisme.

Binnen spraken kinderen over gelijke kansen voor iedereen.
Buiten werd het hoogste dreigingsniveau afgekondigd.

Binnen spraken kinderen over hoe fijn het is in een veilig land te wonen.
Buiten wachtten ouders ongerust op hun kinderen.

Binnen spraken kinderen over wat in film wel kan en in de echte wereld niet.
Buiten leek de echte wereld een slechte film geworden.

Advertenties

Leeftijd

Als kind kon ik me er niets bij voorstellen.
Hoe kun je nou in vredesnaam vergeten hoe oud je bent? Je leeftijd onthouden is net zoiets als aftellen naar je verjaardag. Dat weet je precies.

Toch moet ik steeds vaker nadenken. Was het nou precíes? Of toch een jaar jonger?
Of ouder.

Het helpt ook niet mee dat ik mij leeftijdsgewijs in een soort van limbo begeef.
Terwijl ik aan de ene de kant de moeder ‘gemevrouwt’ wordt, wuiven mij aan de andere kant handjes toe die lichtelijk afgunstig kirren hoe jong ik nog wel niet ben.

Ik had iemands moeder kunnen zijn, maar kom er ook nog mee weg de hippe yup te spelen die foto’s van haar kopje koffie op Instagram plaatst.

Maar misschien is dat juist wel waar het gevaar schuilt. Dat die moeder best wel kokos-cappuccino’s zou kunnen drinken. En dat die yup gewoon even met haar laptop vlucht van het huis waar drie kinderen de boel terroriseren.

Ze zeggen dat leeftijd slechts een getal is.
Ik denk juist dat het probleem is dat het zoveel meer is dan slechts een getal.
Dan was het in ieder geval nog makkelijk te onthouden.

Achter mij kakelt het vriendinnengroepje door. Over Facebook, verbroken relaties en de laatste roddels.
En terwijl ik in de spiegeling van mijn laptopscherm een beginnende fronsrimpel ontwaar, hoor ik één van de vriendinnen roepen: ‘Nee, dit rondje is van mij. Zeventig word je immers maar één keer!’

Snot

‘Ik heb gewoon niet zoveel om over te huilen.’

Hij kijkt mij troostend aan terwijl ik last minute een sliert snot van mijn neus richting zijn mouw probeer te onderscheppen.
Die ik daarna weer vakkundig aan mijn eigen broek afveeg. Snot wie snot toekomt.

‘En ik wel dan?’

In een wetenschappelijk artikel las ik dat één van de redenen waarom vrouwen vaker huilen dan mannen is omdat zij vaker blootgesteld worden aan emotionele situaties.
Ik vraag me af of met je sokken in een plas water op de badkamer staan hier ook toegerekend kan worden. Of een onwillige stofzuiger die de punt van je tapijt opzuigt en het dan niet los wil laten.

Geef me een situatie en ik kan hem emotioneel maken.

‘Jullie vrouwen hebben gewoon meer huil-hormonen. Daar kan ik niks aan doen, maar jij ook niet.’

Pure machteloosheid dus.
En laat dat volgens de ‘huilprofessor’ in het artikel nou precies de trigger zijn om nog meer snot te produceren. Hulpeloze vrouwen huilen. Hulpeloze mannen worden boos.
Of de leukste thuis.

‘Sorry.’
‘Voor wat? Dat je huilt?’
‘Nee, dat mijn snot op je nieuwe blouse zit.’
‘Ach, altijd beter dan babymaïs. Zo klein nog en dan al in een blikje.’

Met één grote plop blaas ik een snottebel uit mijn neus.
Om te janken is het.